De autosportindustrie stelt specifieke eisen op het gebied van brandveiligheid.
Hoewel brandblussers al decennia lang verplicht zijn, verandert de aard van de gebruikte producten. Het blusmiddel FK-5-1-12 heeft zich inmiddels opgeworpen als de standaardoplossing. Het gebruik ervan voldoet namelijk aan specifieke eisen op het gebied van regelgeving, technische prestaties en aanpassing aan nieuwe aandrijfsystemen.
Een keuze die wordt gedicteerd door strenge regelgeving
De introductie van dit product in racewagens is een direct gevolg van de eisen van de Fédération Internationale de l’Automobile (FIA). Er zijn twee belangrijke criteria die essentieel zijn voor de goedkeuring van een blussysteem. Enerzijds de doeltreffendheid: het product moet in staat zijn om een hevige brand binnen enkele seconden te blussen, zodat de coureur het voertuig kan verlaten. Anderzijds het respect voor het milieu.
Zo worden oude gassen (zoals halonen) en bepaalde schuimsoorten geleidelijk aan verboden door internationale normen. FK-5-1-12 is door de regelgevende instanties gekozen omdat het een ideaal compromis biedt: het is uiterst effectief tegen brand en heeft tegelijkertijd geen invloed op de ozonlaag en vrijwel geen invloed op de opwarming van de aarde. Om goedkeuring te krijgen, moet een fabrikant zijn systeem onderwerpen aan destructieve tests onder toezicht van de FIA. Als de test met succes wordt doorlopen, wordt het product opgenomen in de officiële „Technische Lijst“ en is het toegestaan voor wedstrijden.
Prestaties en technisch nut
Het succes van de FK-5-1-12 is te danken aan zijn bijzondere fysische eigenschappen. Het is een „schoon blusmiddel“, omdat het – in tegenstelling tot poeder of schuim – na gebruik geen resten achterlaat. Hierdoor blijven de kostbare onderdelen van de auto, zoals de motor en de elektronica, onbeschadigd, aangezien deze niet door de brand zelf worden aangetast.
De FK-5-1-12 biedt bovendien een krachtig koelvermogen. Wanneer het vrijkomt, onttrekt het op grote schaal warmte aan de vlammen, waardoor de verbranding wordt gestopt. Bovendien is het een diëlektrische vloeistof, wat betekent dat het geen elektriciteit geleidt. Deze eigenschap is tegenwoordig van fundamenteel belang: hierdoor kan er aan een auto worden gewerkt zonder het risico te lopen dat er kortsluiting ontstaat of dat hulpverleners een elektrische schok krijgen.
Werking van het ingebouwde systeem
In een raceauto bestaat de uitrusting uit een aluminium of koolstofvezel cilinder die stevig aan het chassis is bevestigd. De FK-5-1-12 wordt daarin in vloeibare vorm onder druk opgeslagen.
Het systeem is aangesloten op een leidingnetwerk dat door de auto loopt. Er zijn sproeikoppen op strategische plaatsen aangebracht: rond de motor (risicogebied) en rechtstreeks gericht op de coureur in de cockpit. Bij brand kan het systeem handmatig worden geactiveerd (door de coureur of een wedstrijdleider via een knop) of automatisch (via warmtesensoren).
Zodra het systeem wordt geactiveerd, wordt de vloeistof door de leidingen geperst. Bij het verlaten van de spuitmonden verdampt de vloeistof onmiddellijk tot gas bij contact met de lucht. Vervolgens verspreidt het zich door de motorruimte en het passagierscompartiment om het vuur te doven en de temperatuur drastisch te verlagen.
Fabrikanten, gebruikers en betrokken categorieën
Deze markt wordt bediend door fabrikanten die gespecialiseerd zijn in autoveiligheid; zij ontwikkelen de systemen, laten deze vervolgens door de FIA goedkeuren en bieden ze daarna aan de raceteams aan.
Onder ‘gebruikers’ vallen alle betrokkenen bij de professionele en amateursport. Zodra een race is opgenomen in de kalender van de FIA of van een nationale bond die deze regels toepast, is het gebruik van deze systemen verplicht. Dit geldt voor de Formule 1, het Wereldkampioenschap Endurance (WEC), de rally (WRC), maar ook voor de GT- en toerwagenkampioenschappen.
De uitdaging van elektrische voertuigen
Brandblussystemen spelen ook een rol op een andere markt: die van elektrische voertuigen voor het grote publiek en het openbaar vervoer.
Lithium-ionbatterijen brengen een specifiek risico met zich mee, namelijk „thermische runaway“, een brand die zeer moeilijk met water te blussen is. De FK-5-1-12 wekt, dankzij zijn niet-geleidende eigenschappen en zijn koelvermogen, steeds meer belangstelling bij fabrikanten van elektrische seriefietsen.
De autosport vervult zo zijn traditionele rol als technologisch proeflaboratorium: de oplossingen die op het circuit zijn getest voor het beheer van branden in hoogwaardige accu’s, zouden binnenkort in de voertuigen van de toekomst kunnen worden ingebouwd om de veiligheid van de passagiers op de weg te waarborgen.